HIV/AIDS

Tikondane Community Centre laat zien dat deze grote groep van de samenleving niet wordt genegeerd. Iedereen heeft te maken met HIV/AIDS – zeker in Katete, het stadje in de buurt. Katete is een “truck stop”. Lange afstand chauffeurs stoppen hier: en dat betekend prostitutie. Een van de basis doeleinden van Tiko is arme vrouwen de kans te geven om zichzelf en hun kinderen te redden op een andere manier.

 

 

 

 

 

 

 

Al een paar jaar is Christine Phiri de HIV/AIDS adviseur op Tiko. Zij heeft een eigen ruimte en meldt iedere maandag middag tijdens de wekelijkse vergadering het aantal bezoekers. Gemiddeld krijg ze 20 personen per week over de vloer. Traditie getrouw houdt ze iedere zaterdag middag een bijeenkomst voor een groep mensen, de zgn. “Positive Livers”.  Deze mensen zijn HIV Positief en niet bang zijn om “uit de kast te komen”. Zij leven positief in beide betekenissen van het woord. Er wordt een thema besproken en soms spelletjes gespeeld, bv. volleybal. De vrouwen zijn fanatieke volleybal speelsters, met hun kind nog op de rug. De groep voert ook toneelstukjes op. Na afloop van de middag is er thee en brood op de Tiko veranda.

Christine zit op de stoel. Al de kinderen op deze foto zijn gelukkig niet besmet met de AIDs virus.

De voorzitter van Stichting Tiko, Peter Kok, heeft zijn hele loopbaan in zuidelijk en oostelijk Afrika doorgebracht werkzaam in de volksgezondheid. Hij bericht als volgt:       

“Nadat in de tachtiger jaren de HIV epidemie zich uitbreidde over Oeganda, Kenia en Tanzania, bereikte tien jaar later deze epidemie de zuidelijke helft van Afrika in gelijke kracht. Het is verbazend dat zuidelijk Afrika en met name Zuid-Afrika de epidemie ontkende en vrijwel niets deden aan preventie.

Presidenten van deze zuid-en-oost Afrikaanse staten dachten dat ziekten die zich verspreiden onder de bevolking veroorzaakt werden door koloniale krachten, apartheid en voedsel tekort.

Op dit moment vindt 70% van de sterfte aan Aids plaats in zuidelijk Afrika.

President Mandela  startte pas laat in zijn regeerperiode met het erkennen van preventie maatregelen tegen Aids.

President Kaunda van Zambia  – de eerste president van Zambia – veranderde zijn beleid pas toen hij zijn zoon aan Aids verloor. Hij kondigde verandering van seksueel gedrag aan, maar de tradities op dit gebied waren nog heel traditioneel in deze bevolkingsgroepen. Aids wordt gezien als een “slechte spirituele vloek” of God’s disease, je krijgt deze door verkeerd gedrag in de culturele setting, niet door het bezoek aan een prostitué. Door vooral de trekarbeid van mannen naar industriële gebieden(de Copperbelt) op grote schaal, deden de mannen een HIV infectie op door bezoek aan seks-werkers. Deze infecties namen ze mee naar huis als ze op vakantie kwamen en besmetten op den duur hun eigen vrouw er mee.

Rondom 2000 had Zambia het maximum percentage HIV geïnfecteerden. Door de massale sterfte nam het aantal HIV-geinfecteerden in de laatste 10 jaar af. In de laatste 5 jaar nam het aantal Hiv-geïnfecteerden af met 32%. In Zambia nam de sterfte aan Aids de laatste 5 jaar af met 50%. Toch worden er nog steeds veel nieuwe jongeren geïnfecteerd. Deels ook omdat men denkt dat er nu een definitieve behandeling met medicijnen voor is. De overlevingskans van Hiv-geïnfecteerden neemt nu toe vanwege het toegenomen gebruik van speciale anti-aids geneesmiddelen. Ook de bescherming van pasgeboren baby’s is toegenomen door preventieve behandeling van moeder en kind. Dit eist wel meer openheid van de bevolking omdat een zwangere getest moet worden voor HIV en op therapie wordt gezet. Het kan dan gebeuren dat de man, die de infectie ooit in huis bracht, zijn vrouw niet meer accepteert. Ook in Zambia neemt het aantal kinderen dat geïnfecteerd raakt met HIV met zo’n 50% af in de laatste 5 jaar. 40% van aanstaande HIV positieve moeders wordt nu tijdens de bevalling en daarna preventief behandeld. Daardoor neemt het percentage besmette kinderen af van 28% tot 8%. Maar vanwege matige overtuiging of een tekort aan medicijnen, zijn vaak nog 17% van de kinderen besmet.

Door de hoge oudersterfte neemt het aantal weeskinderen erg toe, 680.000 kinderen zijn weeskind.  Tikondane maakt het mogelijk dat grootouders en anderen voor deze kinderen zorgen en voorziet in scholing van zo’n 600 kinderen.

Zambia heeft nog altijd ongeveer  een miljoen mensen die met HIV zijn besmet (12% van de bevolking), waarvan 460.000 vrouwen en 170.000 kinderen (0-15 jaar). Jaarlijks(2011) sterven 31.000 mensen aan aids.

HIV/Aids blijft voorlopig nog een grote last voor de bevolking.